Selecteer een pagina

Uitdrukking van de dag: Nieuwsgierig Aagje

Tijdens het nakijken van een opdracht voor het vak Tekstschrijven stuitte ik op een spelfout (‘nieuwschierig’) die me op de uitdrukking ‘nieuwsgierig Aagje’ bracht. Zelf nieuwsgierig geworden zocht ik de herkomst ervan op. Blijkt me daar toch een heel (zielig) verhaal achter te zitten. Avontuur! Hoererij! Diefstal! Slutshaming!

Het nieuwsgierig Aagje van Enkhuizen komt als personage voor het eerst voor in het 17e eeuwse kluchtboek De Gaven van de milde St. Marten (doorscrollen naar blz 17). Voor wie het ouderwetse taalgebruik een belemmering is, volgt hier een beknopte versie in hedendaags Nederlands.

Het verhaal speelt zich af tijdens het twaalfjarig bestand (1609-1621) in de Tachtigjarige Oorlog met Spanje. Aagje is een jonge vrouw uit Enkhuizen en getrouwd met een smid. In de buurt woont schipper Freek, die geregeld op Antwerpen vaart. Freek zit vol verhalen en Aagje wil die mooie stad wel eens met eigen ogen aanschouwen. Ze zeurt net zo lang bij haar man (‘lelde de Smit soo langh aen ’t hooft’) tot deze haar belooft dat ze mee mag met de buurman. De smid geeft Aagje honderd gulden, waarmee ze in Antwerpen materialen voor hem moet kopen.

In Antwerpen gaat het natuurlijk helemaal mis. Eenmaal aangemeerd aan de kaai gaat schipper Freek eerst zijn zaken regelen en belooft daarna Aagje rond te leiden door de stad. Het nieuwsgierige wicht kan haar ongeduld echter niet bedwingen en trekt er alleen op uit, in haar beste Enkhuizer goed en met de honderd gulden op zak. Het duurt niet lang of ze wordt aangesproken door een gladde Spaanse Brabander, die haar begroet met ‘nichteken’, de benaming voor hoer.

De naïeve Aagje meent echter dat deze sinjeur familie van haar is (ze had haar moeder horen vertellen over neef Ian van Spanje) en gaat in op zijn uitnodiging haar de stad te laten zien. Dan begint de ellende pas goed. Aagje belandt in een bordeel (‘t slimste hoerhuys’), wordt dronken gevoerd, misbruikt en beroofd van de honderd gulden, haar zilvergoed en mooie Enkhuizer kleren. ‘Neef Ian van Spanje’ gaat er schielijk vandoor en Aagje, nog steeds starnakel en buiten westen, wordt door de hoeren in een ‘bootsgesels kleetje‘ gehesen, krijgt een schippersmutsje opgezet, wordt in een bakermat gelegd en naar buiten gezeuld. Daar is ze het mikpunt van spot van passerende handwerkslieden.

Uiteindelijk ziet de onfortuinlijke Aagje haar buurman Freek langslopen, die haar nauwelijks herkent in die lompen. Eenmaal terug in Enkhuizen wordt het ‘avontuurtje zo veel verduystert als ‘t mogelijck was’, maar in Antwerpen lachen ‘Ian van Spanje’ en zijn confraters nog lang en smakelijk om de lotgevallen van ‘t nieuwsgierige Aagje van Enkhuizen. 

Luister hier naar het oorspronkelijke verhaal (7’30”):

 

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on LinkedInShare on TumblrShare on Google+Email this to someone

Uitdrukking van de dag: voor pampus liggen

Mijn beurt om te bloggen, ik houd het kort, ik lig namelijk voor pampus. Voor het eerst in mijn (bijna 49-jarige) leven ben ik geveld door griep. Voor pampus liggen betekent volgens Onze taal ‘uitgeteld zijn’ – dat ben ik, en/of ‘lui erbij liggen’ – dat doe ik. Pampus was een zandbank in het IJ van Amsterdam waar zwaarbeladen schepen veel last van hadden; ze moesten vaak voor Pampus wachten tot het vloed werd om verder te kunnen varen. Inmiddels is Pampus een heuse attractie geworden, website incluis. ’Geniet van historie, avontuur en natuur, én leuke evenementen!’ staat daar te lezen. Ik moet er nog even niet aan denken.

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on LinkedInShare on TumblrShare on Google+Email this to someone

Vakantiestand

De bloggers van Ikzegookmaarwat genieten van hun vakantie. Vanaf 8 januari kunt u weer bijdragen verwachten. We wensen iedereen heel fijne feestdagen toe en alle goeds in het nieuwe jaar!

'IJsvermaak bij een stad' van Hendrick Avercamp, ca. 1620, collectie Rijksmuseum.

‘IJsvermaak bij een stad’ van Hendrick Avercamp, ca. 1620, collectie Rijksmuseum.

 

 

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on LinkedInShare on TumblrShare on Google+Email this to someone

Woordenboekspel 22 december 2017

Het Ikzegookmaarwat-Woordenboekspel!

Wat is de betekenis van het woord rateau?

 

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on LinkedInShare on TumblrShare on Google+Email this to someone

Cisgender

Ik ben een cisgender. Tot voor kort wist ik niet wat dit was, maar het blijkt iemand te zijn van wie het geboortegeslacht overeenkomt met de ervaren genderidentiteit. ‘Normaal dus,’ zei iemand. Maar dat suggereert dat mensen van wie het geboortegeslacht niet overeenkomt met hun genderidentiteit niet normaal zijn.

Taal is nooit neutraal. Taal is normatief en kan zelfs gevaarlijk zijn. Je kunt mensen blijvend beschadigen met woorden. Vraag dat maar eens aan degenen die online gepest zijn. Je kunt mensen binnen- en buitensluiten met taal en je kunt ze kwetsen door ze te benoemen met woorden die ze als negatief ervaren.

Om dit te voorkomen hebben we nogal wat letters nodig voor de lhbt-gemeenschap, die nu meestal wordt aangeduid met lhbti (lesbisch, homo, biseksueel, transgender, interseksueel), maar soms ook met lhbtiqapc (+ queer, aseksueel, panseksueel, cisgender).

‘Hokjesdenken’, schamperen de critici.  ‘Inclusie’, zeggen de voorstanders.

Als taalliefhebber vind ik semantische discussies razend interessant. Maar lhbti vind ik vooral heel erg lelijk. Hebben we echt een woord nodig? Is ‘iedereen’ dan misschien iets?

 

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on LinkedInShare on TumblrShare on Google+Email this to someone

Tikfout

Het gebeurt me regelmatig: ik tik hoer in plaats van hier. Irritant, die i en o naast elkaar. Volgens mij heb ik de tikfout tot nu toe onderschept, omdat ik m’n e-mails altijd check. Maar ja, je zult haast hebben en meteen op Send klikken …

“Dan zie ik je vanmiddag wel hoer!”

De plaatsing van de letters op mijn toetsenbord heeft alles te maken met de aloude mechanische typemachine, zo leer ik van Willem Wever. Uitvinder Christopher Sholes had op zijn eerste model de letters in alfabetische volgorde gezet. Echter, bij snelle typers leverde dat problemen op: de letterstangetjes van letters die vaak na elkaar volgden, bleven regelmatig klem zitten. Sholes verplaatste daarop een aantal letters in het mechaniek, waardoor ook de volgorde op het toetsenbord veranderde. Zo ontstond de typemachine met de QWERTY-indeling, die rond 1873 in productie werd genomen. De QWERTY-indeling is bij ons nog steeds gangbaar.

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on LinkedInShare on TumblrShare on Google+Email this to someone

Nieu

Sinds een paar weken fiets ik dagelijks langs dit bord en telkens zeg ik dan hardop: ‘Nieumarkt’. Chic!

Wat lijkt het mij heerlijk om bordenmaker bij de gemeente te zijn en je dan af en toe zo’n grapje te permitteren.

Overigens helemaal niet zo gek om een letter weg te laten uit Nieuwmarkt. Maar de bordenmaker had beter voor de u kunnen kiezen: Niewmarkt. Sneew, leew, meew, niew: je spreekt de u vanzelf wel uit, dat kan niet anders. Waarom zouden we deze u’s eigenlijk nog schrijven?

 

 

 

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on LinkedInShare on TumblrShare on Google+Email this to someone

Woord van de dag: filibuster

Amerikaanse toestanden in onze Tweede Kamer vorige week. De partijen 50Plus en PVV grepen naar de filibuster. Ze wilden daarmee de afschaffing van een belastingvoordeel voor mensen met een hypotheek voorkomen.

De filibuster kennen we vooral uit de Amerikaanse politiek. Daar was en is het soms een geducht wapen. De insteek: zo lang het woord blijven voeren dat de stemming over een bepaalde kwestie wordt uitgesteld. Recordhouder in de VS is senator Strom Thurmond die in 1957 een marathontoespraak van 24 uur en achttien minuten hield.

Zo lang hielden 50Plus en PVV het bij lange na niet vol. Al met al waren beide partijen ruim zes uur aan het woord. Even na half vijf ‘s nachts maakte de Kamervoorzitter een einde aan de Nederlandse filibuster. Of  liever: de poging daartoe.

Kortom, de filibuster, daarvoor moet je in de VS zijn en niet in Nederland. En dat terwijl de oorsprong van het woord Nederlands is. Het begrip is afgeleid van vrijbuiter, een woord dat uit de zestiende eeuw stamt en een piraat of avonturier aanduidt. Halverwege de negentiende eeuw kreeg het in de VS ook de betekenis van obstructievorm in het parlement door langdurig het woord te voeren.

Bron: Etymologiebank

 

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on LinkedInShare on TumblrShare on Google+Email this to someone