Selecteer een pagina

Woordenboekspel 31 maart 2016

Het Ikzegookmaarwat-Woordenboekspel!

1. Wat is de betekenis van het woord sjoffelen?
 
 
 
 

 

Woord van de dag: snaaks

De secundaire arbeidsvoorwaarden van mijn baan zijn dik in orde. Met name de collega’s dragen bij aan mijn werkplezier. Het is goed volk, een enkele uitzondering daargelaten natuurlijk. Met de collega’s aan mijn ‘bureau-eiland’ nemen we in de ochtend het leven door, dat gaat van lipstick in de metro (je bent een beetje uitgeschoten) via de fermentatietrend (onsmakelijk!) tot het nieuws van de dag (meestal zorgelijk). Met name de snaakse opmerkingen van Wim zorgen ervoor dat we soms al voor half negen slap over onze bureaus hangen van het lachen. Daarna gaan we de rest van de dag zoet werken, hoor.

Snaaks betekent guitig, grappig. Het woord bestaat als sinds de zestiende eeuw in het Nederlands en had toen min of meer dezelfde betekenis. Het woord wordt niet veel meer gebruikt in het hedendaagse Nederlands.

 

Bron: etymologiebank

 

 

Woord van de dag: Prakkiseren

Een student vraagt me naar de auteur van een artikel dat we vorige week in het college bespraken. Ook mij is de naam ontschoten. ‘Ik moet even prakkiseren’, zeg ik, ‘dan kom ik er zo wel weer op’.

‘Grappig woord’, vindt ze. ‘Is het iets van vroeger?’

Prakkiseren is spreektaal en betekent ‘actief nadenken’. Het wordt ook wel als prakkeseren geschreven. Het is afgeleid van praktiseren, dat ‘een beroep of praktijk uitoefenen’ betekent. Het woord komt al sinds de achttiende eeuw in het Nederlands voor. Maar ik heb niet kunnen vinden of het woord inderdaad wat ouderwets is en minder vaak gebruikt wordt door jonge taalgebruikers. Weet een van onze lezers dat wellicht?

 

 

 

Uitdrukking van de dag: het op je heupen krijgen

Het is een mooi beroep, docent, werkelijk waar. Maar vraag een willekeurige docent wat de minpunten van het vak zijn en het antwoord zal luiden: de romslomp van de administratie van cijferlijsten, toetsmatrijzen, tentamenvoorbladen, nakijkformulieren. Vroeger deden we het met pen en papier, nu hebben we een digitale leeromgeving, maar voor de hoeveelheid werk maakt het niet uit.

‘Ik krijg het op mijn héupen van dat bureacratische gedoe,’ riep vandaag een collega vertwijfeld en luidkeels uit. Bijval was haar deel, gruwel bij de ene helft, berusting bij de andere helft. Die paarse krokodil krijgen we nooit meer weg uit het onderwijs…

Het op je heupen krijgen kan twee dingen betekenen: ‘plotseling heel veel energie krijgen’ (de gekke vijf minuten) of ‘heel erg chagrijnig worden.’  De collega gebruikte de uitdrukking in de laatste betekenis.

De herkomst van de uitdrukking  is niet eenduidig. Sommige bronnen melden dat ‘het op je heupen krijgen’ uit de bijbel stamt. Anderen menen dat het verwijst naar jicht, pijn in je heupen waar je goed humeurig van kunt worden.

Bron: Onze Taal

 

 

 

Woord van de dag: volatiel

In de economische rubrieken van de media kom ik steeds vaker het woord volatiel tegen. Meestal gaat het dan over volatiele aandelenkoersen of een volatiele markt. Dat zijn koersen of een markt met veel schommelingen.

Volatiel betekent vluchtig, instabiel en komt van het Latijnse werkwoord volare dat vliegen en ijlen betekent.

Toen ik wat research deed naar het woord stuitte ik in het NRC op een interview met Woody Allen die over een personage uit zijn film zegt dat ‘die zelf niks durft en daarom gebiologeerd is door alles wat wel volatiel en zelfdestructief is.’

Allen zei dat uiteraard in het Engels (volatile), de vertaling is van de journalist. Opeens ging mij een licht op: volatiel is gewoon een hip Engels leenwoord. Een anglicisme is het niet want het woord bestond al in het Nederlands, maar leidde een slapend bestaan. Maar onlangs is het weer door de beursjongens aan het Damrak afgestoft. Leuk.