Selecteer een pagina

Woord van de dag: apekool

Apekool. Ik kwam het woord tegen in een krantenartikel over automobilisten die zonder te betalen de parkeergarage uitrijden, door al bumperklevend achter een voorganger onder de slagboom door te schieten. Dat is strafbaar en gevaarlijk bovendien. Het argument van gepakte bestuurders dat ze het per ongeluk deden, noemt een veiligheidsfunctionaris van Q-Park ‘apekool’.

Apekool (zonder tussen-n!) betekent (klets)koek, nonsens, larie(koek), kolder, dwaze praat. Met apen heeft het niets te maken en met kool evenmin. De herkomst van ‘apekool’ is onzeker. Het zou kunnen afstammen van het Zaanse ‘minderwaardige schelvis’ of van het West-Vlaamse ‘apekalle’, dat ‘slechte vis’ betekent.

Waarschijnlijker is de theorie dat het een samengesteld woord betreft, waarin ‘ape’ een negatieve connotatie heeft, zoals in ‘apelazarus’. Het tweede lid zou afgeleid zijn van het Duitse Kohl, ‘onzin’. Dat woord vindt zijn oorsprong in het Jiddische chaulem of cholem, dat ‘waardeloos spul’ betekent. In het midden van de 18e eeuw komt in dieventaal Kohl machen ‘fantaseren, liegen, iemand iets wijsmaken’ voor. Daarmee is trouwens meteen een link gelegd met de automobilisten in het krantenartikel, want wegrijden uit de parkeergarage zonder te betalen is immers diefstal.

 

Woord van de dag: stokebrand

Trump ontsloeg gisteren stokebrand Steve, de ultrarechtse Steve Bannon, uit de Veiligheidsraad. Waarop Francis Underwood, het personage uit House of Cards, tweette: “Sorry Steve. To be clear, “the room where it happens” is any room I am in.”

Een stokebrand is een oproerkraaier, een onruststoker: alle drie prachtige woorden voor een iemand die je kunt missen als kiespijn.

 

Woord van de dag: gotspe

In het bedaarde provinciestadje waar ik woon, gebeurt nooit wat. Wel zo rustig. Maar toen ik gisteren boodschappen ging doen, werd er zowaar een dief gearresteerd in de winkelstraat. Mensen bleven verbaasd staan: hier, in onze brave stad? Wat een spektakel.

De boef maakte er een echte show van: luid schreeuwend en scheldend verzette ze zich tegen de aanhouding met woorden: ‘Doe normaal. Ik heb alleen maar een fíets gestolen.’

Dat krijg je ervan, Rutte, met je verkiezingsslogan ‘Normaal. Doen’. Nu gebruikt iedereen het maar te pas en te onpas.

Ik vond trouwens dat de agenten vrij normaal deden. Onverstoorbaar sloegen ze de tierende boef in de boeien en zetten haar (hand op het hoofd zodat ze zich niet zou stoten: ja, het was net een politieserie) in de auto. Op naar het bureau.

De omstanders bleven nog even babbelen voor de nabeschouwingen. ‘Je zal maar met zo’n tierende malloot in je auto naar het bureau moet rijden,’ vonden we het sneu voor de agenten. ‘Tuig is het, allemaal’, vond een mevrouw met hoogblond haar en opgespoten lippen. Wie ze met ‘allemaal ’ bedoelde, zei ze er niet bij. ‘Het is toch niet normaal,’ vond een andere mevrouw (Normaal. Doen: daar was ie weer). ‘Ik vind het een gotspe’, legde een sjieke meneer het gesprek dood. Toen gingen we maar naar huis.

 

Gotspe betekent onbeschaamdheid, brutaliteit. Het is ontleend aan Jiddische chotspe dat ‘brutaliteit, lef’ betekent.