Selecteer een pagina

Woord van de dag: gebbetje

Een van mijn lievelingswoorden zou ik vandaag graag met jullie delen: gebbetje. Niet omdat ik nou zo’n bijzonder geestige aard heb, maar ik heb wél een zwak voor de volkstaal. Als getogen Maastrichtenaar kon ik mijn lol wel op (van ‘reijstartele’ tot ‘speijtuut’), maar nu heb ik al zo’n tien jaar mijn hart verpand aan ’t Amsterdamse, ook niet verkeerd.

Gebbetje is het Amsterdamse woord voor grapje. Volgens ons aller geliefde etymologiebank is het afgeleid van het werkwoord gabben, dat ‘gekheid maken’ betekent, gabben is vervolgens weer afgeleid van ‘gabberen’, waarmee ‘babbelen, wauwelen en spottend lachen’ wordt bedoeld.

Het enige jammere aan dit woord is, vind ik, dat ik het bijna nooit meer hoor. Ik wil daarom bij dezen alle lezers van deze post oproepen het woord mínstens één keer per dag te gebruiken – al dan niet vergezeld van een grapje.

Woord van de dag: akkefietje

Een paniekerig telefoontje van een student: ‘Mevrouw, welke opdrachten moeten er morgen worden ingeleverd?’ De student in kwestie had er twee af, maar hoorde nu van een klasgenoot dat er een derde opdracht was. Met een deadline om tien uur de volgende ochtend zou dat nog een stevige klus worden. De student betoogde dat hij niets wist van die opdracht en dat hij er dus niets aan kon doen dat het niet af was (drie ontkenningen in een draak van een redenering, bah. Maar dat terzijde).  

Mijn weerwoord luidde simpelweg: het staat in de modulehandleiding die je aan het begin van het semester hebt gekregen en had moeten lezen. Een klassiek gevalletje RTFM. De student protesteerde, werd boos en gooide er tot slot een smekend ‘ja maar’ plus flut-excuus tegenaan. Ik hield voet bij stuk en wees hem fijntjes op de mogelijkheid deze opdracht te herkansen. Over drie maanden. Einde van dit akkefietje.

Maar niet voor de student. Hij had nog 22 uur om deze onaangename opdracht te klaren. Akkefietje betekent namelijk ‘vervelend klusje’, maar het wordt vaker gebruikt in de zin van ‘voorval, ruzietje’. Aan ruzie heb ik een broertje dood, maar andere akkefietjes, kom, daar zet je ferm de schouders onder en voer je zonder morren uit. Als het klaar is drink je er een stevige borrel op, een aquavit bijvoorbeeld.

Daarmee komen we op de (vermeende) herkomst van het woord: via het Latijn (aqua vītae) en/of Scandinavisch (akvavit) zou ‘akkefietje’ in het Fries terecht zijn gekomen als ‘akkefyt’, ‘akkefytsje’ en vervolgens zijn vervormd tot het tegenwoordige ‘akkefietje’. Mijn soort volk, die Friezen. Zonder ruziën een rotklus klaren en dan samen het glas heffen op de goede afloop.

Woord van de dag: huppeldepup

‘God zeg, hoe heet -ie ook alweer’
‘Het ligt op ’t puntje van mijn tong’
‘Ja, ehh dinges, huppeldepup’

Collega S hoorde twee vrouwen met elkaar praten. Hij vroeg in de docentenkamer wie het woord ‘huppeldepup’ wel eens gebruikte. ‘Dat is niet echt mijn stijl’, zei collega F, smalend. Een ander, collega J, gebruikte het juist frequent.

Een synoniem voor huppeldepup is  ‘dinges’ of ‘hoe-heet-het’ en je kunt het gebruiken als je niet op een naam kunt komen. De oorsprong van het woord is lastig te vinden in de krochten van het wereldwijde web. Wel is ‘huppeldepuppel’ opgenomen in Hugo Brandt Corstius’ Opperlande taal- & letterkunde, waarin lijvig wordt verteld over een Leidse geschiedenisprofessor die ooit het spelletje ‘aars-baars’ bedacht en vervolgens verschijnt een opsomming van meerdere ‘inwendig rijmende woorden’ waaronder, maar natuurlijk, ‘huppeldepuppel’. Leest u het gehele verhaal gerust hier nog eens na.

Ik ken Huppeldepup als de aap uit Roald Dahl’s klassiekers De Reuzenkrokodil en De Griezels, maar het blijkt ook een alleraardigste schoenenwinkel voor dames en kinderen te zijn, een kinderdagverblijf in Leeuwarden en een puppyschool in Buinerveen, of all places.

Of wellicht leuk om een keer met ehh huppeldepup naar Huppel The Pub te gaan?

Woord van de dag: alumni

Alumni zijn afgestudeerde, oud-studenten van een universiteit of hogeschool. Het woord komt uit het Latijn en kent een mannelijke – alumnus – en een vrouwelijke – alumna – variant.

Gisteravond werd er op onze opleiding druk geborreld en genetwerkt. Niet nadat de aanwezigen – allen oud-studenten – geïnspireerd waren door twee young professionals. De één sprak over ‘the road to success’, een persoonlijke zoektocht, en het boek dat ze schreef (Babe, you got this). De ander boeide met een verhaal over de kracht en toekomst van influencermarketing. Iedereen enthousiast. Enige minpunt: er waren minder mensen komen opdagen dan ik had verwacht. Zou het liggen aan de uitnodiging? Daarop kondigden we een ‘alumni-event’ aan. Nu blijkt uit een intern onderzoek dat de alumni zelf niet weten dat ze alumni zijn… Gemiste kans dus, die ik met deze post hoop goed te maken: beste afgestudeerden, het volgende alumni-event is op 20 februari 2018.