Selecteer een pagina

Circulair inrichten

 

De inrichting van onze school wordt aangepast, ik schreef er al eerder over. Vandaag trof ik deze meneer die nieuwe kapstokken kwam brengen. Of nee, hij was onze werkplekken circulair aan het inrichten.

Desgevraagd blijkt circulair inrichten neer te komen op oude meubels vervangen door nieuwe.

Ik moest even gaan liggen.

 

 

Afkorting

‘Hey pik, zit jij in de lul?’

‘Nee gast, het ruikt altijd zo muf in de lul als het regent, ik zit thuis. Hoezo?’

‘Nou, ik hoopte dat je een boek uit de lul voor me kon meenemen.’

 

De UB van Leiden heet voortaan Leiden University Libraries. Zou die naam tijdens een dolle dispuutsavond bedacht zijn?

 

 

Hoe zat het ook alweer? Je wil(t)

Vorig jaar hadden de docenten van onze opleiding allemaal een eigen bureau op een docentenkamer. Heerlijk hoor, vond iedereen. Maar natuurlijk wel hopeloos onhip, vond… ja, wie vond dat eigenlijk?

Dus zijn we dit schooljaar lekker futureproof overgegaan op ‘activiteitsgericht werken’. Dat is zeker gewoon flexwerken, hoor ik u denken. Nee hoor, want flexen deden de mensen in 2015. Wíj werken in diverse zones die ingericht zijn voor verschillende activiteiten. Uiteraard hebben die zones geinige namen en hashtags. Hallo, het is wel 2017.

Momenteel zit ik in de #ruis, daar mag je zachtjes met een collega overleggen. Als ik zo een mop ga vertellen, loop ik even naar de #bruis. En als ik even geen gezeur aan mijn hoofd wil, ga ik naar de #rust. Om toe te lichten wat #ruis, #bruis en #rust behelzen, heeft iemand bordjes opgehangen. Toen ik onderstaand bordje las, begon ik keihard te bruisen. Maar écht hoor. #taalfouten.

De maker van dit bordje is overigens niet de enige die worstelt met de vervoeging van het werkwoord willen. Daarom geven we als service nog eens de correcte vervoeging.

Zo vervoeg je het werkwoord willen:

Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik wil ik wilde / ik wou*
jij wilt / jij wil* jij wilde / jij wou*
u wilt / u wil* u wilde / u wou*
hij wil hij wilde / hij wou*
wij willen wij wilden / wij wouden*
jullie willen jullie wilden / jullie wouden*
zij willen zij wilden / zij wouden*

 

Het sterretje geeft aan dat je deze vorm in een informele context, zoals spreektaal, kunt gebruiken. In schrijftaal gebruik je bij voorkeur de formele vorm. Op bordjes in een schoolgebouw gebruik je beslist nooit de informele vorm.

 

Uitdrukking van de dag: in het slop raken

Ikzegookmaarwat.nl bestaat nu zo’n drieënhalf jaar. In die tijd hebben we ons verbaasd over taal, hebben we vaak gelachen om rare woorden en ons een enkele keer geërgerd. De laatste tijd was het wat stil op het blog. De inspiratie was een beetje op, we waren druk met andere zaken, het kwam er niet van om stukjes te schrijven. Kortom, het blog is in het slop geraakt.

‘In het slop raken’ betekent ‘in verval raken’. Een slop is een armoedige steeg. Als je daar terechtkomt, dus in een slop raakt, is dat geen feest. Hoewel je met de huidige gentrificatie misschien dan al snel weer in een überhippe buurt woont.

Een sloppenwijk is dan ook een wijk met armoedige straatjes. Later zijn ook de huizen in een sloppenwijk sloppen gaan heten. Het woord slop stamt af van het werkwoord sluipen.

Bron: etymologiebank

 

Woord van de dag: stokebrand

Trump ontsloeg gisteren stokebrand Steve, de ultrarechtse Steve Bannon, uit de Veiligheidsraad. Waarop Francis Underwood, het personage uit House of Cards, tweette: “Sorry Steve. To be clear, “the room where it happens” is any room I am in.”

Een stokebrand is een oproerkraaier, een onruststoker: alle drie prachtige woorden voor een iemand die je kunt missen als kiespijn.