Selecteer een pagina

Woord van de dag: kalibreren

We hebben binnenkort met een paar collega’s een kalibreersessie. Want je kunt wel kijken of alle neuzen dezelfde kant op staan, of we er allemaal hetzelfde in staan, maar hé, kalibreren, dan heb je het pas ergens over.

Van Dale geeft diverse omschrijvingen voor het werkwoord kalibreren, variërend van ‘schaalverdelingen op thermometerbuizen e.d. ijken’ tot ‘op maat persen’. De overkoepelende omschrijving zou kunnen zijn dat als je kalibreert je zaken met elkaar in overeenstemming probeert te brengen.

En opeens weet je wat je later wilt worden: kalibreur van het zegel! Bericht uit ‘Suriname: koloniaal nieuws- en advertentieblad’, juli 1872. Klik op de afbeelding voor het volledige artikel.

Het woord is volgens de etymologiebank afgeleid van het Franse calibre. Daarmee werden vooral de kenmerken van wapens aangeduid, zoals de ‘middellijn van de geschutmonding, gewicht van den kogel’. Het Franse woord is ontleend aan het Arabische qālib: ‘gietvorm voor metalen’ en ‘schoenmakersleest’.

Mocht u nu denken: ‘ik zou wel wat beter willen kalibreren’, dan is er goed nieuws. Er zijn namelijk tal van trainingen en cursussen. Maar let even op dat u zich aanmeldt voor de juiste cursus. Het maakt namelijk nogal uit of u als cursist in de weer gaat met ‘schuifmaat en schroefmaat’, of dat u leert hoe ‘diverse beoordelaars een student dezelfde feedback en oordelen geven op de getoonde prestaties’.

Wat wij gaan doen? Ik hoop eerlijk gezegd een beetje op het eerste. Een ochtendje schuif- en schroefmaten, het is weer eens wat anders. Maar ik denk dat het de tweede optie wordt.

 

Hoe zat het ook alweer? Jaren ’80/jaren 80

“In het begin van de jaren ’80 had bijna 90 procent van de huishoudens een abonnement op een krant”, lees ik in het werkstuk van een student. Een zin die bij sommigen weemoed zal oproepen. Ach ja, het internetloze tijdperk, wat lijkt dat lang geleden. Maar anderen worden misschien vooral getroffen door de taalfout in de zin. Nou ja, taalfoutje. Want die ’ (apostrof) voor 80, die hoort daar namelijk niet.

Artikel over de 'apostrophe' in de Telegraaf, december 1933.

Artikel over de ‘apostrophe’ in de Telegraaf, december 1933. Klik op de afbeelding voor het volledige artikel.

De apostrof is een ondergewaardeerd leesteken: je mist ’m pas als hij er niet is. Hij wordt vaak gebruikt om uitspraakproblemen te voorkomen bij meervoudvormen (foto’s, taxi’s), bij bezitsaanduidingen (Anna’s jas, Thomas’ laptop) en bij sommige woorden die je wilt verkleinen: baby’tje, A4’tje.

En de apostrof dient om aan te geven dat er ergens letters of cijfers stonden die we niet uitspreken. Zo stond in de vorige alinea ’m in plaats van hem, heeft iedereen het over ’s ochtends en niet over des ochtends en schrijven de meeste mensen zo’n in plaats van zo een, hoewel ik de laatste vorm weer regelmatig tegenkom in het werk van studenten.

De apostrof bewijst ook goede diensten als je jaartallen wilt bekorten. Bijvoorbeeld als je wilt aangeven dat ons land van ’40 tot ’45 verwikkeld was in de Tweede Wereldoorlog. Of dat je geboren bent in juni ’80. Dat laatste is waarschijnlijk de reden dat de apostrof ook opduikt als je iets wilt vertellen over de jaren tachtig. Maar met de jaren tachtig of jaren 80 duiden we een heel decennium aan, geen jaar. Als je schrijft: de jaren ’80, dan heb je het over de jaren 1980. En dan zie je al snel dat dat niet klopt.

Van de ware taalpurist mag het niet (germanisme!), maar je kunt ook tachtiger jaren zeggen. Dat klinkt een stuk plechtstatiger dan jaren 80. Maar soms is daar helemaal niets mis mee.

En als je een apostrof kwaad wilt maken, noem ’m dan aanhalingsteken. Want hij lijkt er misschien op, maar hij is het beslist niet!

 

Vakantiestand

De bloggers van Ikzegookmaarwat doen even wat anders dan bloggen. Vanaf 7 januari kunt u weer bijdragen verwachten. We wensen iedereen heel fijne feestdagen toe en alle goeds in het nieuwe jaar!

 

Hoe zat het ook alweer? Nog/noch

Winkelketen Blokker huurde een paar jaar geleden de Amerikaanse actrice Sarah Jessica Parker in voor een reclamespot en volgens de baas van Blokker pakte dat vrij slecht uit.

Op weblog Marketingfacts legt een neuromarketingconsultant deze week uit dat dat geen wonder is. In de hersenen van kijkers van de commercial bespeurt hij afkeer en gevaar. De mensen die het idee voor deze commercial hebben doorgezet, waren volgens hem een beetje de weg kwijt. “En zo kan het gebeuren dat er in een collectieve black-out groen licht komt voor de productie van een commercial die kant nog wal raakt”, constateert hij.

De webredacteur die zijn artikel online plaatste moet ook even een kleine black-out gehad hebben toen hij besloot deze zin in het artikel te benadrukken met een zogenoemde streamer.

kant nog wal

Want de correcte uitdrukking luidt: kant noch wal. Nu komt deze vergissing vaker voor, vermoedelijk omdat we veel vertrouwder zijn met het woord ‘nog’ dan met het woord ‘noch’. Daarom is het misschien goed om het verschil nog even te bespreken.

‘Nog’ is een bijwoord dat je op veel verschillende manieren kunt gebruiken. Bijvoorbeeld om herhaling aan te geven (‘Geef mij nog maar een biertje’) of om iets te versterken (‘Heb je nou nóg je huiswerk niet gemaakt?’).

‘Noch’ is een voegwoord met een ontkennende betekenis. ‘Binnert noch Lisette heeft trek in een gebakje’ geeft aan dat ze allebei géén zin hebben in een gebakje. Je kunt ook zeggen: ‘Noch Binnert noch Lisette heeft trek in een gebakje’. Dat is misschien wat duidelijker, omdat de ontkenning dan meteen vooraan staat.

En ja, je kunt natuurlijk ook zeggen: ‘Binnert en Lisette hebben allebei geen trek in een gebakje’. Maar dan raakt het woord ‘noch’ helemaal uit beeld, terwijl het wel voorkomt in diverse vaste uitdrukkingen. Bijvoorbeeld: vlees noch vis zijn, van toeten noch blazen weten of ergens part noch deel aan hebben. Dus laten we ‘noch’ een beetje koesteren, want anders gaan we nog veel vaker fouten van het soort zoals hierboven zien.

Bron: Onze Taal