Selecteer een pagina

Woord van de dag: verbouwereerd

Op het fietspad slingert een man van links naar rechts. Dat komt omdat hij met één hand een sigaret uit een pakje prutst en met de andere hand zijn telefoon vasthoudt waarin hij hard schreeuwt in een moeilijke taal – Bulgaars? Servisch?

‘Pas op,’ zeg ik als ik hem voorbij fiets.

‘Optyfen, koet,’ schreeuwt hij me achterna. Daar is dan weer geen woord Roemeens bij.

Verbouwereerd fiets ik door. Voor de zekerheid wat sneller dan eerst. Wat een droploel.

 

Verbouwereerd betekent onthutst, verbijsterd. Het komt van het Middelnederlandse verbabeert dat ook onthutst betekende. Sommige mensen spreken het uit als verbrouwereerd, wellicht omdat je wenkbrauwen omhoog gaan als je verbijsterd bent? Maar correct is dus de versie zonder r: verbouwereerd.

 

 

Weg met genderneutrale termen?

“Liebe Kunden und Kundinnen” (klanten), begint de luidspreker van het Duitse warenhuis zijn mededeling over de aanbieding van de dag.

Ik ben een poosje in Duitsland en het valt me op dat vrouwen en mannen hier consequent allebei worden aangesproken. In geschreven taal gebruikt men meestal een underscore-teken om aan te geven dat men zowel mannen als vrouwen bedoelt: Kund_innen, Künstler_innen. Niet mooi, wel duidelijk.

Voor Nederlanders komt dit een beetje omslachtig over. Wij gebruiken het liefst neutrale beroepsaanduidingen. Ook de Duitse studenten die ik ernaar vroeg, vonden het niet zo nodig. ‘Ik wil Journalist worden, geen Journalistin,’ zei een studente.

Maar toen ik deze week deze NRC-column van Japke-d Bouma las, veranderde ik van mening. Ze citeert taalwetenschapster Ingrid van Alphen, die onderzoek doet naar taal- en gendervraagstukken. En het blijkt dus wél uit te maken hoe je iemand noemt. Zo solliciteren vrouwen eerder als in een vacaturetekst naar een loodgieter/loodgietster gevraagd wordt en blijken meisjes in hun hoofd een beroep ‘over te slaan’ als alleen de mannelijke functienaam genoemd wordt.

Met onze goedbedoelde ‘neutrale’ aanduidingen blijken we de emancipatie in de weg te staan. Dat kan niet de bedoeling zijn. Ik noem mezelf voortaan docente in plaats van docent.

 

 

Snackcident

Gehoord bij het tankstation, zondagochtend 10 uur:

 

“Gasten, wat willen jullie?”

“Doe mij maar een HKC’tje*.”

“Te gezond, man! Ik neem een lange met zalf.*”

“Nice! Neem ik een open been.* En doe er ook maar zo’n euh… dinges daar bij.”

“Snackcidentje?”

“Yo.”

“Servetje?”

“Ach, wel ja. Vies word je toch.”

 

  • HKC = hamkaascroissant; een lange met zalf = een frikandel met mayonaise; een open been = een frikandel met currysaus

Allesomvattend

Spulletjeswinkel Sostrene Grene spoort ons aan om alvast inkopen te doen voor ‘een allesomvattende kerst’.

Ik weet niet wat dat is, maar instinctief deins ik terug voor dit hellebeeld. Ik vermoed dat je bij een allesomvattende kerst begin maart het laatste kaarsvet van de muur schraapt, eindelijk een beetje kunt lachen om het excuusappje van je schoonzus (“sorry, de glühwein viel gewoon verkeerd”) en drie vuilniszakken vol ‘sfeerartikelen’ bij de kringloop dumpt.

Weet je wat, ik sla deze trend gewoon een keer over.